Oude mijn WO II

Bij het huis aan de Eestumerweg 27 ligt een herinnering aan de Tweede Wereldoorlog. In de voortuin ligt een Duitse mijn, die op 17 april 1945 in de Eestumertil is gelegd. De bewoonster van het pand, mevrouw Nijborg, kent de geschiedenis van de mijn. De Tweede Wereldoorlog was in zijn laatste fase en de Duitsers maakten op hun terugtocht wegen en bruggen onklaar. Zo plaatsten zij ook 2 mijnen in de Eestumertil, met als doel de brug over het Kroddebuurstermaar onklaar te maken. De Canadezen hadden dit echter door en beschoten de Duitsers bij het ingraven van de mijnen. Hierdoor werd uiteindelijk maar 1 van de 2 mijnen tot ontploffing gebracht. Desondanks was de schade enorm. Zo lag een brokstuk van de bruglei=uning helemaal bij de school aan de Eestumerweg.

Toen de Duitsers gevlucht waren hebben de Canadezen de andere mijn onklaar gemaakt. De vader van mevrouw Nijborg was als oud-militair geïnteresseerd in de mijn en vroeg aan de Canadezen of hij de mijn mocht hebben. Dat mocht. De mijn werd vervolgens naar de Eestumerweg 27 gesleept. Mevrouw Nijborg kreeg van haar vader de opdracht de mijn schoon te maken. Dit deed zij met knikkende knieën, want zze was bang dat het ding alsnog zou ontploffen. De mijn werd vervolgens geverfd en de buurman, meester Veldman, maakte een gedichtje dat op de mijn werd geschilderd. Dit is voor alle duidelijkheid niet de tekst die nu op de mijn staat. Het originele gedichtje kent mevrouw Nijborg gelukkig nog:

Vlieg op geboden mof, verniel de til
Maar ik had geen vuur en hield me stil
Nu lig ik hier heel mooi gelakt
Mijn meesters zijn wel aangepakt

Na enkele jaren vond de broer van mevrouw Nijborg de tekst niet gepast. Hij heeft toen met instemming van de inmiddels zieke vader, een nieuw gedicht op de mijn gezet. Deze is inmiddels ook van de mijn verdwenen. Hoe die tekst luidde is niet bekend. Na jaren is de mijn opnieuw geschilderd en is de huidige tekst op de mijn gezet (zie foto). In totaal hebben er dus drie verschillende teksten op de mijn gestaan.

























bron: Mondelinge overlevering, met name van mevrouw Nijborg.